HomeGroupsTalkZeitgeist
Hide this

Results from Google Books

Click on a thumbnail to go to Google Books.

De lachende wolf by Willy Vandersteen
Loading...

De lachende wolf (1952)

by Willy Vandersteen

MembersReviewsPopularityAverage ratingConversations
342329,500 (3.63)None

None.

None
Loading...

Sign up for LibraryThing to find out whether you'll like this book.

No current Talk conversations about this book.

Showing 2 of 2
Locaties

Dit verhaal speelt zich af op de volgende locaties:

België, Alaska, blokhut 17, herberg, verlaten trappershut en andere schuilplaatsen.

Personages

In dit verhaal komen de volgende personages voor:

Suske, Wiske met Schanulleke, tante Sidonia, Lambik, oom Fons en zijn familie, Royal Canadian Mounted Police, Indianen, Rosse John (neef van tante Sidonia), Big Snowbel, kariboedoder, Mac Hunter[1] (politieagent), Kazhan (wolf), Rejha (wolvinnetje), bont-handelaars.

Het verhaal
Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Suske, Wiske en Lambik kamperen tijdens de vakantie in de bossen en zien een adder na zijn gevecht met een egel. Tante Sidonia neemt haar vrienden de volgende dag mee naar de dierentuin en de vrienden zien gibbons en chimpansees. Door onhandigheid van een bezoeker kan de wolf uit zijn kooi ontsnappen, maar tante Sidonia kan het beest met gemak weer in zijn kooi krijgen. Tante Sidonia vertelt dat een neef van haar is geëmigreerd naar Alaska om jacht te maken op pelsdieren, ze heeft al jaren niks van haar neef gehoord. ’s Avonds arriveert een groot pakket uit Alaska, tante Sidonia wordt uitgenodigd in Alaska om de bonthandel van haar neef over te nemen. Tante Sidonia vertrekt naar Alaska en vraagt een Indiaan om haar naar Blokhut 17 te brengen, maar de Indiaan weigert. Tante Sidonia vertrekt alleen en ziet een gevecht tussen een wolvin en een lynx en schiet beide dood; ze neemt een klein wolfje mee op haar reis. Bij de blokhut ziet tante Sidonia een kruis met de naam van haar neef John maar ze gaat toch naar binnen en ontmoet de huishoudster van John, Big Snowbel. Ze maakt drie borden eten en zegt dat de geest van John ’s nachts komt eten. tante Sidonia schiet ’s nachts op de geest, die haar vertelt dat dat geen zin heeft omdat hij al dood is. Suske, Wiske en Lambik ontvangen een noodkreet van tante Sidonia, ze vliegen naar Alaska en zijn bij een herberg getuige van de mishandeling van een Indiaan. Lambik komt de Indiaan te hulp en hoort dat de Indianen niet meer voor de blanken willen jagen. De vrienden vinden een Canadese politieagent en hij vertelt dat hij op zoek is naar kariboedoder, hij reist verder met de vrienden omdat de stroper zijn slee heeft gestolen. De vrienden vinden een dode kariboe en Mac Hunter wordt dan in zijn arm getroffen door een kogel. Ze brengen hem naar een verlaten trappershut en Lambik blijft om hem te verzorgen. Suske en Wiske reizen verder naar blokhut 17, maar ze komen in problemen door een groep wolven. De kariboedoder jaagt de wolven weg, maar waarschuwt de kinderen ook om niet verder het gebied in te gaan. Suske en Wiske reizen toch verder om tante Sidonia te helpen, maar ze worden dan door de kariboedoder tegengewerkt en Lambik kan hen nog net redden van de groep wolven. Lambik vertelt dat hij de baan van de gewonde Mac Hunter tijdelijk heeft overgenomen en de kariboedoder zoekt.

Tante Sidonia leert Kazhan, het wolfje dat ze heeft meegenomen, hoe hij als jachthond moet reageren, maar Kazhan ontmoet dan een grotere wolf bij de buit. Kazhan kan de grotere wolf verslaan en tante Sidonia ziet dan dat er een doodshoofd op de grote wolf is geschilderd. Tante Sidonia ziet een kariboe en vertelt Kazhan dat alleen Indianen op deze beesten mogen jagen, maar de wolf bromt en Sidonia geeft hem een pak voor zijn broek. Dan komt de kariboedoder en vertelt tante Sidonia dat ze de wolf niet mag slaan, hij heeft wolven afgericht om de kariboes te doden. Deze wolven zijn met een doodshoofd gemerkt en Kazhan zal de hordeleider worden. Kazhan wordt gelokt door een mooi wolvinnetje en luistert niet naar tante Sidonia. De kariboedoder vertelt dat Indianen voor de bonthandelaren jaagden, maar nu fokken ze kuddes en dat levert meer geld op. De bontjagers zitten zo zonder handel. De kariboedoder wil de kariboes uitroeien, zodat de Indianen opnieuw op pelsdieren zullen jagen. Het goed en kwaad geweten van tante Sidonia maakt ’s nachts ruzie en ze praat ’s nachts met de geest van Rosse John. Lambik en Wiske komen de blokhut binnen en richten hun pistool op John, als hij wil ontsnappen, blijkt Suske bij de achterdeur te staan. De vrienden ondervragen John en hij bekent de kariboedoder te zijn, hij deed alsof hij dood was om niet verdacht te worden. Het slechte geweten van tante Sidonia komt in actie en de vrienden worden vastgebonden, tante Sidonia vertrekt met haar neef naar een geheime schuilplaats in de bergen. De grote kariboetrek zal bijna beginnen en John is van plan de hele kudde uit te roeien. Big Snowbel vindt de vastgebonden vrienden en bevrijdt hen. Ze zetten de achtervolging in en John laat zien dat hij dynamiet in een bergpas heeft verstopt. Zodra de kudde door de bergpas komt, zal hij het dynamiet laten ontploffen en de dieren zullen in de afgesloten ruimte door de wolven worden uitgemoord. Als er een kariboe voorbij komt lopen, komt Kazhan in actie en lacht. De doodskopwolven omsingelen de kariboe en het beest overleeft de aanval niet. Lambik vindt het spoor van de kariboedoder, maar John ziet dit en kan Lambik afschudden. De vrienden vinden een gevangen kariboe en benen het dode dier uit, Lambik verstopt zich in de huid en wacht tot hij gevonden wordt. Bij de schuilplaats stopt Lambik het beest vol met aardappelen en hij kan tante Sidonia en haar neef gevangennemen, maar door een stommiteit kan John hem neerslaan.

Als John wil vertrekken wordt hij echter door tante Sidonia neergeslagen en vastgebonden, maar ook Lambik krijgt een klap en tante Sidonia verdwijnt. Lambik bindt John aan een slee en stuurt de honden naar Suske en Wiske. Hij bindt ook een briefje met uitleg aan John vast. Lambik gaat op zoek naar tante Sidonia en komt bij een blokhut zonder deur en vensters. Suske en Wiske brengen John naar een politiepost en gaan langs bij Big Snowbel; zij slaat de kinderen echter neer en bevrijdt John. Big Snowbel is de vrouw van John en ze zoekt een formule in haar toverboekje om de kinderen te betoveren. John drinkt echter van het mengsel en verandert in een peer. Big Snowbel maakt opnieuw een drankje en zet de kinderen na het drinken buiten de deur, Suske en Wiske veranderen in kariboes. Wiske heeft het toverboek samen met Schanulleke meegenomen, dus Big Snowbel kan John nu niet omtoveren tot zijn normale gedaante. Wiske ontdekt dat ze als kariboe niet kan lezen en het toverboek is dus onbruikbaar. Dan ziet een helikopter van de Canadese politie de lezende kariboes en ze gaan op onderzoek. Suske en Wiske vragen of de mannen hen willen helpen met het toverboek, maar kunnen nog net ontsnappen als ze merken dat de agenten hen willen neerschieten. De helikopter achtervolgt Suske en Wiske en ze schieten Suske neer. Door een toverspreuk veranderen de agenten in vogels. Suske en Wiske gaan naar het bos, waar Suske langzaam herstelt van zijn wond. De sneeuw smelt en Lambik bouwt zijn slee om in een zeilkar en houdt de blokhut in de gaten, ’s nachts hoort Lambik de lachende wolf en hij wordt aangevallen door de doodskopwolven.

Met dynamiet kan Lambik de wolven verslaan, maar zijn zeilkar wordt meegenomen door tante Sidonia en stort in een ravijn. Lambik ontmoet de betoverde Suske en Wiske en vertelt dat tante Sidonia gestorven is, maar dan krijgt hij opnieuw een briefje door een kier van de blokhut. Big Snowbel schiet de helikopter uit de lucht en vindt haar toverboek terug, ze tovert John terug naar zijn normale uiterlijk maar heeft dan al in hem gebeten als peer. Rosse John herstelt de helikopter en wil Suske, Wiske, Lambik en tante Sidonia zoeken om wraak te nemen, maar dan begint de grote trek van de kariboes en hij gaat terug om de doodskopwolven ten aanval te leiden. Lambik komt per toeval op de helikopter terecht en kan Rosse John overmeesteren. In de schuilplaats hoort Lambik een langspeelplaat waarop alleen het geluid van gelach is te horen, hij slaat de plaat kapot maar het is te laat. De zender in Kazhans nekpels bevat een luidspreker en de staart van de wolf is de antenne, de wolven zijn al op pad om de kariboes te verslinden. Lambik kan de wolven in een bergpas tegenhouden, maar de geheimzinnige maakt de blokkering weer ongedaan met dynamiet. Suske en Wiske rennen met de kariboekudde mee en Lambik probeert hen te waarschuwen, maar wordt tegengehouden door de geheimzinnige. Lambik kan de wolven even tegenhouden, maar wordt dan door de geheimzinnige in de blokhut gesleurd en ziet hoe de wolven met een koffiemolenmitrailleur worden verslagen. Lambik ontmaskert de geheimzinnige: het blijkt toch tante Sidonia te zijn. Tante Sidonia deed maar alsof ze aan de kant stond van haar neef om zo meer te weten te komen, ze had een pop gemaakt die met de zeilkar in het ravijn is gestort. Dan komt Big Snowbel en vertelt dat John geen slechte man is, Big Snowbel wilde veel cadeaus en toverde hem om tot slechterik. Ze heeft spijt en stelt voor om iedereen te onttoveren als zij met John mag vertrekken. De politieagenten moeten beloven niks te vertellen en de vrienden vliegen naar huis.

Trivia

Dit is het eerste verhaal waaraan Karel Boumans zijn medewerking verleende. Hij inktte de tekeningen. Hierbij werd hij ingewerkt door de meer ervaren Karel Verschuere.

Bron: Wikipedia
  Besselina | Nov 9, 2013 |
Op een dag krijgt tante Sidonia een ijskastje met een aangetekende brief uit Alaska met de post naar huis gestuurd. De brief is van een neef van haar die in Alaska woont. Hij heet Rosse John en heeft daar een bonthandel. Rosse John wil dat Sidonia zijn bonthandel voor niks overneemt. Sidonia laat zich dat geen tweede keer zeggen en pakt meteen de koffers om met het vliegtuig naar Alaska te vliegen.
Niet lang daarna vinden we Sidonia goedgeluimd in een nederzetting van pelsjagers, compleet uitgerust voor de tocht naar de blokhut van haar neef Rosse John. Ze vraagt een Indiaan of hij haar voor wat vuurwater wil begeleiden naar de blokhut. Nu beginnen de geheimzinnigheden eerst goed, want de Indiaan weigert omdat het daar niet pluis is.
Ten einde raad gaat Sidonia alleen op weg door de gevaarlijke arctische wildernis. Na een lange tijd ziet ze hoe een lynx en een wolvin om het leven vechten. Sidonia maakt er korte metten mee en schiet ze beide overhoop. De wolvin sleept zich met haar laatste krachten naar haar hol om te sterven. De nieuwsgierige Sidonia wil het hol onderzoeken en plots maakt haar neus kennis met een bijtgraag klein wolfje. Schuldbewust bindt Sidonia het wolfje tussen haar sledehonden om voor hem te kunnen zorgen.
Na een lange tocht bereikt ze eindelijk Blokhut 17, het verblijf van haar neef Rosse John. Ze ontdekt tot haar ontzetting een graf voor de blokhut. Het graf is van Rosse John!
Ze gaat via het raam de blokhut in en maakt er kennis met Big Snowbel, de Indiaanse huishoudster van Rosse John. Het blijkt dat Rosse John met honger gestorven is want hij keert steeds terug als geest om in de blokhut een bord soep te eten. Dit is teveel voor Sidonia´s zenuwen en ze besluit Lambik en de kinderen om hulp te vragen.
Enige tijd later arriveert een ijskastje per schip in Antwerpen. Lambik wordt door de post verwittigd dat er een brief aangekomen is. Kortaf zegt hij dat de brief maar onder de deur moet worden geschoven. Dit gebeurt even later ook prompt, want een hevig gekraak schrikt onze vrienden op. Ze rennen naar de voordeur, die door het ijskastje kapot is gegaan.
Ze vinden de brief van de angstige Sidonia, die om hulp vraagt en niet lang daarna zitten ze in een vliegtuig met bestemming Alaska.
Eenmaal in het Noordland aangekomen stapelen de geheimzinnigheden zich op. In een nederzetting ervaren ze dat de Indianen niet meer willen jagen en tijdens de tocht naar Blokhut 17 vinden ze een "Mountie" als een brug bevroren over de afgrond. Ze ontdooien de man en hij heeft het over een geheimzinnige kariboedoder. Kariboes zijn Amerikaanse rendieren en verschillen slechts in details van hun Europese soortgenoten. De kariboedoder doodt deze dieren "just for fun".
Mc Hunter, de Mountie, nu ontdooid, helpt onze vrienden een brug te bouwen over de afgrond om verder naar de blokhut te kunnen reizen. Aan de andere kant van de afgrond aangekomen lopen ze in een hinderlaag van de mysterieuze kariboestroper. Mc Hunter raakt hierbij door een geweerschot in zijn bovenarm gewond. Onze vrienden brengen hem naar een verlaten blokhut en Lambik besluit hem te verzorgen totdat hij beter is.
Ondertussen gaan Suske en Wiske verder op zoek naar Blokhut 17 om er tante Sidonia te treffen. Tijdens de tocht worden ze opgemerkt door een horde wolven die naarmate de honger stijgt steeds dichter in de buurt van de twee kinderen komt. Een eerste aanval wordt door Suske afgeweerd.
Als de nacht begint te vallen, maakt Suske een groot kampvuur om de hongerige dieren op afstand te houden. De eersten die er aan moeten aan zijn de sledehonden. De wolven komen steeds dichter bij het kamp terwijl de twee kinderen van vermoeidheid steeds slaperiger worden. Stilaan beginnen de beschermende kampvuren te doven en de wolven willen ten aanval over gaan, als plotseling een donkere gestalte aan de bosrand hen op vlucht doet slaan.
Suske wordt onmiddelijk wakker om te kijken wie degene is. Als antwoord suist een bijl met een briefje richting kamp en klieft in het hout van het provisorische bivak van de twee kinderen. De geheimzinnige gestalte vlucht hierop. Het briefje is van de kariboedoder en waarschuwt onze vrienden ervoor verder naar Blokhut 17 te reizen. Als ze het toch doen, zal de dood hen vinden.
Suske wil meteen opgeven en weer terug gaan, maar Wiske is stoer en zodoende gaan de twee kinderen verder. De horde hongerige wolven blijft de kinderen echter volgen. Om zich voor de wolven in zekerheid te brengen overnachten Suske en Wiske in een soort hangmat boven in een boom.

Alles gaat goed, totdat de kariboedoder één voor één de touwen van de hangmat kapot begint te schieten. Als de twee kinderen van de mat beginnen te vallen en door de meute wolven verscheurd dreigen te worden duikt onverwacht een ander personage op. Hij graaft zich onder de sneeuw door tot aan de boom waar het zich drama afspeelt en schiet de wolven met een revolver overhoop. Wiske, die denkt, dat het kariboedoder is, danst als een bezetene op het hoofd van de onbekende levensredder. Pas als Suske meldt dat de kariboedoder al lang verdwenen is houdt ze op. De onbekende levensredder is niemand anders als Lambik!
Lambik heeft McHunters job overgenomen om hem te helpen en en draagt nu het uniform van de mounted police.

Ondertussen is Sidonia in de omgeving van de hut aan het jagen en tegelijkertijd probeert ze Kazan, het kleine wolfje af te richten. Ze schiet een konijn en Kazan wil het dier gaan halen, maar een mannetjesputter van een wolf heeft beslag gelegd op het dode dier. De wolf valt Kazan meteen aan en die weert zich door de brutale wolf met een schouderworp te vellen. Sidonia feliciteert Kazan maar ontdekt ook dat de brute wolf een geschilderde doodskop op zijn torso draagt. Niet ver daar vandaan staat een kariboe stomweg te kijken. Kazan wil het dier meteen aanvallen maar Sidonia verhindert hem. Uit het niets duikt de Kariboedoder op en verklaart, dat hij alle kariboes doden wil. Hiervoor heeft hij een horde wolven afgericht gekenmerkt met een doodskop. Verder wil hij dat Kazan de aanvoerder van de horde wordt. Sidonia oppert dat Kazan niet naar hem luisteren zal. Op een bevel van de stroper komt echter een knap wolvinnetje tevoorschijn. Kazan kan hier niet „nee” tegen zeggen en loopt haar achterna. Triomfantelijk kijkt de stroper het koppeltje achterna, waarop sidonia naar haar geweer grijpt en schiet. Ze treft een tak vol sneeuw en de wrede stroper wordt hierdoor bedekt. Sidonia begint hem uit te vragen en komt te weten, dat de kariboedoder uit wrok handelt. De Indianen jaagden vroeger op pelsdieren, die zij aan bonthandelaren voor een appel en een ei verkochten. Maar sinds de teelt van kariboes alleen aan de Indianen voorbehouden is willen ze niet meer jagen, want het brengt hen meer op. Daarom heeft de stroper een horde bloeddorstige wolven afgericht om alle kariboes te kunnen doden, zodat de Indianen gedwongen worden om weer voor de bonthandelaars te jagen.

De kariboedoder weet te ontsnappen aan Sidonia en ietwat teleurgesteld keert ze terug naar de blokhut. In de nacht wordt ze geplaagd door haar goede en slechte ik. Haar slechte ik vindt dat ze de stroper moet steunen, omdat ze nu ook een bonthandelaarster is en haar goede houdt haar voor dat eerlijkheid het langst duurt. Ten einde raad besluit ze het spook van Rosse John om raad te vragen. Ze gaat naar beneden waar de geest van Rosse John weer zijn soep aan het slurpen is. Ze wil juist een gesprek met hem beginnen als plots Lambik en Wiske gewapend de hut in stormen en tegen het spook schreeuwen: „Handen op!”
Rosse John probeert via de achterdeur te vluchten, maar daar wacht Suske al op hem. Rosse John ziet nu in dat vluchten geen zin heeft en biecht op dat hij de gevreesde kariboedoder is en zich voor Sidonia dood hield om niet verdacht te worden. Ondertussen weet Sidonia´s slechte ik Sidonia te verleiden om zich aan de kant van Rosse John te stellen. Ze doet dit dan ook prompt en pakt het geweer dat aan de schouw van de open haard hangt en bedreigt daarmee Lambik, Suske en Wiske. Ze binden het drietal stevig vast en vluchten.

Bij dageraad vindt Big Snowbel de drie gevangenen en bevrijdt hen. Het drietal gaat meteen op weg om Rosse John en de overgelopen Sidonia aan te houden. Ondertussen legt John zijn plan aan Sidonia uit. Hij wil de kariboes door een enge bergpas drijven en aan het einde van de pas wacht de horde doodkopswolven, klaar om de kariboes te verscheuren. Terloops vraagt Sidonia, waarom John Kazan, het kleine wolfje, nodig had. Als antwoord komt toevallig een argloze kariboe voorbij. Kazan ziet het dier en fluit de horde erbij. De horde drijft het dier in de engte en wacht af. Op zijn beurt steekt Kazan zijn staart in de hoogte en werpt zijn kop in de nek en begint schallend te lachen. Dit is het teken voor de horde, want die werpt zich op de kariboe en verslindt het arme dier in een oogwenk.

Ondertussen hebben onze drie vrienden zich gesplitst. Suske en Wiske trachten versterking te gaan halen, terwijjl Lambik Sidonia en John wil gaan opsporen. Het duurt ook niet lang voordat Lambik geluk heeft. Hij krijgt Sidonia en John in hun schuilplaats te pakken, maar nu verraadt Sidonia ook John door hem vast te binden en Lambik neer te knuppelen.
Sidonia vlucht nu de ijsvlakte in om Johns plan te voltooien. Lambik komt weer tot bewustzijn en laat de sledehonden de vastgebonden John naar Suske en Wiske brengen. Hij begint onmiddellijk met de achtervolging van Sidonia en wordt verrast door een sneeuwstorm. Tot zijn grote geluk is er in de buurt een blokhut te zien. Hij wil in de bokhut gaan schuilen, maar vindt tot zijn grote verbazing geen ingang noch venster, maar hoort binnen wel geluiden. Meteen denkt hij dat het de schuilplaats is van de valse Sidonia. Plots valt er een briefje door een spleet naar buiten waarop staat dat de persoon in de blokhut niet Sidonia is. Lambik gelooft dit niet en begint de blokhut te belegeren.

Inmiddels hebben Suske en Wiske John opgepakt en op weg naar de politiepost van de Mounties lopen ze even bij Big Snowbel aan. Die slaat hen van achteren neer en bevrijdt John. Meteen daarop begint ze een toverdrank te brouwen die ze aan de kinderen wil geven. John, die dit niet meegekregen heeft, drinkt ervan en verandert in een peer. Ziedend van woede brouwt de Indiaanse nog een toverdrank, voert het Suske en Wiske, en smijt het tweetal naar buiten. In de haast heeft Wiske het toverboek van Big Snowbel mee kunnen moffelen, zodat ze John niet kan onttoveren. Het duurt ook niet lang of de kinderen beginnen te veranderen in... jonge kariboes!

Ondertussen gaat het geklop en getimmer in de mysterieuze blokhut verder. Lambik krijgt er de stuipen van en wil met een dynamietpatroon een gat in de wand van de blokhut blazen. De geheimzinnigaard merkt dit echter en werpt de patroon weg, die daarop in de buurt van Lambik ontploft. Een scheldpartij aan het adres van Sidonia is hiervan het gevolg. De geheimzinnige bewoner, het gescheld en getier beu, belooft Lambik ´s nachts naar buiten te komen en terug te keren, al is het alleen maar om hem te judassen, en beweert nog steeds dat hij of zij niet Sidonia is. Lambik bouwt nu een zeilkar om de hut beter te kunnen bewaken.
Tegen de avond hoort Lambik plots het onheilspellende gelach van Kazan. Meteen daarop begint een horde wolven zich richting Lambik te bewegen. Lambik gooit een dynamietstaaf in het midden van de aanvallende horde. De dynamietstaaf ontploft en Lambik is gered. In de tussentijd heeft de geheimzinnige zijn kans schoon gezien en vlucht met de zeilkar van Lambik. Rap loopt hij de geimzinnige achterna en weet via een afkorting de geheimzinnige te onderscheppen.

De mysterieuze persoon blijkt toch Sidonia te zijn. Lambik wil haar tot stoppen dwingen maar wordt door haar overhoop gereden. Lambik weet nu geen uitweg meer en schiet een wiel van de zeilkar stuk. Hierdoor is de zeilkar stuurloos geworden en Sidonia valt met zeilkar en al in een afgrond. Met donderend geraas valt Sidonia van de ene rots op de andere, om tenslotte onder Lambiks ogen op de bodem van de afgrond te pletter te slaan. Doodongelukkig en gebroken loopt hij huilend door het woud weer terug naar de mysterieuze hut. In zijn verdriet vraagt hij de bomen en dieren te huilen om de dood van Sidonia. Tot zijn verbazing ziet hij twee jonge kariboes plots huilen. Kort daarna herkent hij in de twee kariboejongen Suske en Wiske. De twee leggen uit, wat er met hen gebeurt is en wederzijds vertelt Lambik zijn relaas. Eenmaal bij de mysterieuze hut horen ze binnen weer lawaai, alsof er niets gebeurt is. Suske en Wiske willen nu kijken of het werkelijk Sidonia is die in de afgrond is gestort en gaan op weg naar de ravijn.

Big Snowbel vindt door toeval het door Wiske ontfutselde toverboek en onttovert John. John gaat onmiddelijk op weg in een gekaapte helicopter om zijn wraak te voltooien. Suske en Wiske zien dat Rosse John weer onttoverd is en vluchten, maar raken hierbij in de kudde van de kariboes die onophoudelijk de bergpas naderen waar Rosse John de slachting door de wolven wil laten beginnen.

Ondertussen probeert Lambik weer de geheimzinnige blokhut binnen te dringen, maar landt door zijn poging op de gekaapte helicopter. Hij dringt de helicopter in en begint een gevecht met John. De helicopter stort neer en landt bij de oude schuilplaats van Rosse John. Daar gaat het gevecht verder en uiteindelijk weet Lambik Rosse John te verschalken. Hij bindt hem vast als een verse leverworst en wil van zijn overwinning genieten met een stukje muziek.
In de schuilplaats vindt Lambik een platenspeler en wil hem laten lopen, maar in plaats van muziek hoort hij schallend gelach. Het gelach wordt door een zender verder geleid naar een luidspreker in het nekhaar van Kazan. Daardoor leikt het alsof de jonge wolf lachen kan, maar het maakt de wolvenhorde razend, die daarop meteen een aanval beginnen. Lambik slaat de platenspeler aan stukken, maar het is reeds te laat. Kazan lacht en de wolven vervolgen hun aanval.
Ten einde raad vraagt Lambik de geheimzinnigaard in de blokhut om hulp, maar hij krijgt een negatief antwoord. Buiten zich zelf van woede smijt hij rotsblokken in het ravijn om de horde te stoppen, wat ook lukt. Dit druist echter in tegen de plannen van de geheimzinnige blokhutbewoner. Die maakt met explosieven de weg voor de wolven weer vrij.
Lambik stort zich in het ravijn op de eerste wolven en schiet er daarna nog een paar overhoop. De geheimzinnige rept zich en werpt een lasso, vangt lambik en sleurt hem mee in de blokhut. Op dat moment naderen de eerste wolven Suske, Wiske en de kariboes.
In de hut heeft de geheimzinnige een mitrailleur gebouwd en schiet de wolven er mee dood. Lambik ontmaskert nu de geheimzinnige blokhutbewoner en stelt tot zijn verwondering vast dat het Sidonia is! Sidonia verklaart dat zij zoiets van Rosse John al verwacht had en om de kariboes te redden deed ze alsof ze aan de kant van John stond. Door toeval ontdekte ze deze hut en begon stilletjes de mitrailleur te bouwen om de wolven te doden.
Plots komt Big Snowbel opdraven en begint vol berouw uit te leggen dat zij Rosse John betoverd heeft in een kwade kerel om sneller rijk te worden. Zij wil nu alles ongedaan maken en Lambik haalt hierop alle betoverden. Big Snowbel onttovert hen en gaat met Rosse John en Kazan naar huis om een nieuw leven te beginnen.

Bron: http://suskeenwiske.ophetwww.net/
Tekst: Alain Stienen ( )
  Besselina | Mar 19, 2008 |
Showing 2 of 2
no reviews | add a review
You must log in to edit Common Knowledge data.
For more help see the Common Knowledge help page.
Series (with order)
Canonical title
Information from the Dutch Common Knowledge. Edit to localize it to your language.
Original title
Alternative titles
Original publication date
Information from the Dutch Common Knowledge. Edit to localize it to your language.
People/Characters
Important places
Important events
Related movies
Awards and honors
Epigraph
Dedication
First words
Quotations
Last words
Disambiguation notice
Publisher's editors
Blurbers
Publisher series
Information from the Dutch Common Knowledge. Edit to localize it to your language.
Original language

References to this work on external resources.

Wikipedia in English

None

Book description
Haiku summary

No descriptions found.

No library descriptions found.

Quick Links

Swap Ebooks Audio

Popular covers

Rating

Average: (3.63)
0.5
1
1.5
2 1
2.5
3 1
3.5
4
4.5 1
5 1

Is this you?

Become a LibraryThing Author.

 

You are using the new servers! | About | Privacy/Terms | Help/FAQs | Blog | Store | APIs | TinyCat | Legacy Libraries | Early Reviewers | Common Knowledge | 117,012,371 books! | Top bar: Always visible